zaterdag 17 december 2011

Portret

Bij Radio Ideaal werkt Amber ook als presentatrice. 
Journaliste Amber Wijgman werkt vrijwillig voor Radio Ideaal

“Ik kon apothekersassistent worden of silo’s schoonspuiten”

Amber Wijgman (24) is voormalig studente journalistiek van de Katholieke Hogeschool in Mechelen. Ze woont in het kleine dorpje Dinxperlo in Nederland met haar vriend, haar kat en twee parkieten. Een vaste baan in de journalistiek heeft ze nog niet, maar ze werkt drie avonden per week vrijwillig voor Radio Ideaal. “Ik ben een beetje een manusje van alles: een reporter, presentator, redactielid en producer.”

Amber kwam in 2008 in Mechelen terecht. “Dat gebeurde nogal toevallig. Voordat ik wist wat ik wilde gaan doen, ben ik naar de studiebeurs in Utrecht gegaan. Daar sprak meneer Duponcheel, het opleidingshoofd journalistiek van de KHM, over zijn school en de richting journalistiek. Alles wat hij zei sprak mij enorm aan. Ik ben altijd goed geweest in talen en ik was nooit bang om met vreemden te praten. Ook was ik enorm geïnteresseerd in de media, met tv in het bijzonder. En zo kwam het dat ik een paar maanden later in Mechelen op kot zat.”

Na haar studies is Amber niet meteen op zoek gegaan naar werk. “Eerst moest ik een poosje bijkomen, wachten op de uitslag van het eindwerk en alle andere cijfers. Toen ging ik een aantal dagen op vakantie en daarna had ik een grote brand in huis, waardoor ik een aantal weken bij mijn opa en oma moest wonen. Dus ik kwam een beetje traag op gang.”

Toen ze begon te solliciteren, vond ze ook niet meteen een job. “Het gaat helaas nog niet super met de Nederlandse economie.  Ik had niet veel ervaring, afgezien van mijn stage, en ik heb weinig connecties in het Nederlandse mediawereldje. Al die zaken hebben er voor gezorgd dat ik ondanks de inmiddels honderden sollicitaties nog steeds geen betaalde baan in de journalistiek heb.”

Toch moest Amber iets doen om geld te verdienen. “Ik kon apothekersassistent worden of silo's bij boerderijen schoonspuiten. Ik weet niet wat dat dan ook maar een klein beetje met journalistiek te maken heeft. Dus heb ik geen van die jobs aangenomen. Ik doe momenteel allerlei kleine klusjes via het uitzendbureau. Voornamelijk tijdelijke communicatieprojecten bij bedrijven.”

Ondanks de tegenslagen bij het solliciteren heeft ze haar passie voor journalistiek behouden. “Ik werk zo’n twee à drie avonden per week bij Ideaal. Ideaal bestaat uit een radiozender ‘Radio Ideaal’ en een tv-zender ‘IdeaalTV’, en draait volledig op ongeveer 65 vrijwilligers. Ik ben er een beetje een manusje van alles, een reporter, presentator, redactielid en producer. Dat vind ik super, zo doe ik meer ervaring op in allerlei gebieden.”

Amber is erg enthousiast over het project. “Mijn taken zijn onder andere redactiewerk doen, interviews regelen en nieuwsitems zoeken voor de uitzending, die ik soms zelf presenteer. Verder ga ik vaak op reportage. Momenteel ben ik al een paar weken bezig met een item over jongerendebatten. Op de radio worden de stukjes die ik maak dezelfde avond nog uitgezonden. Voor televisie heb ik iets meer tijd. Ik werk nog volop aan een samenvattende reportage om binnenkort uit te zenden.” 

Ondanks haar tegenslagen bij het solliciteren, heeft Amber geen spijt van haar studie. “Een bachelor diploma is altijd nuttig. Maar in de journalistiek is het op dit moment erg lastig. Overal zijn er reorganisaties en veel mensen verliezen hun job, vooral in de media en communicatiesector. Toch heb ik geen spijt, want journalistiek is mijn passie, het is wat ik graag doe.”

Ideaal is twintig jaar geleden ontstaan naar het initiatief van enkele lokale radiomakers. Ze begonnen met negen medewerkers, maar het project bleef groeien. Vandaag de dag werken er zo’n 65 vrijwilligers mee. Radio Ideaal maakt 24 uur per dag radio. Sinds 2004 is er ook IdeaalTV, een lokale televisiezender. Ideaal zendt enkel uit in Nederland, in het gebied de Achterhoek in de Nederlandse provincie Gelderland.  

woensdag 9 november 2011

Nieuws

Eduard Houthuys is tevreden met zijn portret.
Portretten bewoners ‘Hof van Egmont’ groot succes

MECHELEN – In de zomer portretteerden de schilders van de Koninklijke Mechelse Lucasgilde enkele bewoners van het woonzorgcentrum ‘Hof van Egmont’. Het resultaat is nog tot 15 januari te bezichtigen in de kunstgalerij van het centrum. Na afloop van de tentoonstelling gaan de kunstwerkjes naar de geportretteerden. 

“Het initiatief kwam er op vraag van de Mechelse Lucasgilde, een vereniging van lokale kunstenaars. Het animatieteam zag het voorstel direct zitten”, vertelt Ria Porteman, animator in het ‘Hof van Egmont’. “De bewoners waren onmiddellijk heel enthousiast, maar we hebben zelf een beetje gestuurd wie er mocht poseren. We werken hier met doelgroepen en voor dit initiatief zochten we mensen die niet zo vaak deelnemen aan activiteiten, maar vaak alleen op hun kamer zitten. De deelnemers moesten natuurlijk ook een expressief gezicht hebben. Dus hebben we een voorselectie gemaakt.”

Eduard Houthuys is een van de geportretteerden. Hij is zeer enthousiast over het resultaat: “Ik wilde dat wel eens meemaken, poseren voor een kunstenaar. Vroeger speelde ik met Racing Mechelen in eerste klasse en werden er dus geregeld foto’s van me gemaakt in voetbalkledij.  Maar een portret gemaakt door een schilder, dat is toch nog iets anders. Ik ben zeer tevreden met het resultaat. Het schilderij is goed gelukt. Ik herkende mezelf direct. Ook mijn familie vindt het geslaagd.”

Sinds maandag 17 oktober kunnen de bewoners en hun bezoekers de portretten bewonderen. Er zijn twee versies van elk portret: de tekening die de kunstenaar gemaakt heeft tijdens het poseren en een geschilderde versie hiervan. De reacties zijn positief. 

“De familieleden van de bewoners vinden het een leuk initiatief. Veel bewoners komen zelfs vragen waarom zij niet geportretteerd zijn. Ze willen graag iets van zichzelf om in hun kamer te hangen of om aan de familie te geven”, zegt Ria. “Ook de samenwerking met de Lucasgilde verliep heel vlot. De kunstenaars deden erg hun best om de ouderen bij hun werk te betrekken. Wegens het succes zullen we vanaf januari, ook op vraag van de Lucasgilde, terug samenwerken. De kunstenaars van de gilde komen dan terug naar hier om een nieuwe reeks portretten te maken.” 

dinsdag 31 mei 2011

Reportage

Het leven zoals het is… rusthuis Home Heiberg


De ingang van het home
Rusthuizen halen regelmatig het nieuws omwille van het tekort aan verplegend en verzorgend personeel. Je hoort  wel eens van een brand in een rusthuis of een verdacht overlijden. Maar verder is het stil rond rusthuizen. Wat weten we er eigenlijk van, als we zelf geen bewoner, personeelslid of  naaste familie van een bewoner zijn? Hoe gaat het er écht aan toe? Ik ging op reportage… 



Maandag 18 april. Het is vroeg in de ochtend. Het belooft een zonnige dag te worden, al is de lucht nog fris. Het wordt nog maar net licht als ik naar het rusthuis ‘Home Heiberg’ in Beerse wandel. Op straat is zo goed als niemand, maar rond het rusthuis heerst al flinke bedrijvigheid. Verpleegsters, verzorgers, poetsvrouwen en keukenpersoneel van de ochtendshift stromen toe en lossen hun collega’s van de nachtdienst, na een korte overdracht, af.


Birgit Aernouts is een jonge verpleegster vooraan twintig. Ze is pas afgestudeerd en werkt nog maar anderhalf jaar in het rusthuis. Toch is ze zeker niet de enige jonge verpleegster. Birgits werkdag begint om vijf over half zeven. Terwijl de verzorgsters de mensen beginnen wekken om ze te wassen, gaat Birgit op ronde om al enkele mensen medicatie toe te dienen en om bloed te prikken. “Ik wilde altijd al verpleegster worden”, vertelt ze. “Dat schreef ik vroeger al in vriendenboekjes.”

Twee maanden geleden opende het rusthuis een nieuw gebouw. De verpleegsters en verzorgsters staan afwisselend in het nieuwe en het oude gebouw. Het werk van de verzorgsters bestaat onder meer uit het verzorgen, wassen en aankleden van de mensen en het opmaken van de bedden. De verpleegsters mogen medicatie toedienen en wonden verzorgen. Al deze taken worden verdeeld met beurtrollen. Birgit vertelt: “Het werk is lang niet altijd even makkelijk. Er is een tekort aan personeel en ik ben momenteel de enige fulltime verpleegkundige overdag. De werkdruk ligt erg hoog.”


Het rusthuis is om zeven uur, hoewel er dan nog veel  mensen slapen, net een bijenkorf. Verpleegsters en verzorgsters lopen heen en weer en de bejaarden worden stilletjes aan allemaal wakker. Als Birgit om tien voor zeven de kamer van Louis binnenstapt om bloed te prikken, zit hij al volledig aangekleed op zijn bed. Louis is een echte ochtendmens. Hij heeft gisteren de koers gezien en is nog enthousiast over de overwinning van Philippe Gilbert. “De meeste mensen staan hier vroeg op”, lacht Birgit, “maar Louis spant als vroege vogel toch wel de kroon. Echte langslapers hebben we hier echter niet.”  Louis stroopt gehoorzaam zijn hemdsmouw op om bloed te laten prikken. “’t Is een goeike hoor, maar je moet weten hoe er mee om te gaan,” vertrouwt hij me toe. Birgit glimlacht.


Verpleegster Birgit
Als ze rond is met het bloedprikken, doet Birgit de administratie van het bloed. Dit neemt maar enkele minuten in beslag. Nadat ze de paperassen in orde bracht, gaat Birgit langs bij mensen die zich verwond hebben. Birgit is de referentiepersoon wondzorg. Het is haar taak om de wonden en hun verzorging en genezing op te volgen. Naast een referentiepersoon voor wondzorg, zijn er  referentiepersonen voor dementie en palliatieve zorg. “Het werk van de referentiepersoon voor palliatieven is erg belastend. Het is zwaar als mensen doodgaan. Zeker voor jonge verpleegsters zoals ik. We hebben nog niet zoveel ervaring met de dood. De eerste keer dat ik iemand zag sterven, liep ik huilend buiten.” 


Om acht uur wordt het ontbijt geserveerd. De bejaarden kunnen beneden in de zaal eten maar mogen ook op hun kamer blijven. Voor de ouderen die op hun kamer ontbijten, voorziet Birgit medicatie op de kamer. De anderen krijgen hun pillen in groepsverband. Het rusthuis heeft ook een ontbijtgroepje. De bejaarden worden om de beurt in groepjes uitgenodigd. In dit ontbijtgroepje kiezen ze zelf of ze wit of bruin brood,  kaas, ham of confituur willen. Dan mogen ze zelf hun boterhammen smeren.  Het is erg belangrijk dat oudere mensen zelf nog keuzes maken. 


Na het ontbijt gaat Birgit verder met de medicatiebedeling en het verzorgen van wonden. Haar ronde brengt ons bij Marianne. Toen ze jonger was, werkte ze in Home Heiberg. “Ik kom hier al meer dan 30 jaar”, lacht ze. “Een groot deel van mijn leven speelde zich hier af. Ik werkte hier zo graag, dat ik maar gebleven ben. Ik ben hier heel tevreden.” Marianne houdt erg veel van bloemen, haar kamer staat er vol van. Haar zoon brengt haar elke zondag een nieuw boeket. De mensen in het rusthuis hebben allemaal hun eigen kamer. Er zijn nog enkele tweepersoonskamers, maar de bedoeling is dat uiteindelijk alle mensen, behalve zij die echt met twee op een kamer willen liggen, een eigen kamer hebben. Zo kunnen de mensen hun kamer inrichten zoals ze dat zelf willen.


Achil en Louise
Op de gang loopt een echtpaar dat nieuw is in het rusthuis. Zij kwam hier omdat ze mentaal achteruit begon te gaan, hij is meegekomen voor haar. En ze zijn duidelijk nog altijd erg op elkaar gesteld. Achil en Louise lopen de hele tijd hand in hand. “We zijn al 65 jaar een koppel,” vertelt Achil. “We zijn hier sinds vorige week woensdag. Het werd te moeilijk om het thuis te beredderen. Tot nu toe valt alles voor ons hier heel goed mee.” Zijn vrouw beaamt dit: “Ja, wij zijn hier heel content, echt heel content.” 


Om half twaalf wordt het middageten voorbereid. Alle bewoners van het rusthuis worden naar de eetzalen van hun afdeling geleid. In de eetzaal zit Leona. Zij is met haar 66 jaar de jongste bewoonster van het rusthuis. “Ik ben al vier jaar hier. Het personeel is hier heel goed.” Birgit vertelt me dat Leona altijd enthousiast is en dat ze alle andere bewoners in haar enthousiasme meetrekt. Leona is een graaggeziene gast tijdens de activiteiten die georganiseerd worden. Ze doet mee aan de geheugentraining, het praatcafé, het turnen en de misvieringen. “Ik zou ook heel graag mee zwemmen, maar ik heb mijn badpak nog altijd niet teruggevonden,” grinnikt ze. 


In de buurt van Leona zit Mieke, haar kamergenootje. Leona en Mieke wonen in het oudere gedeelte van het rusthuis en hebben daarom nog een gezamenlijke kamer. Ze vinden het geen van beiden erg. Leona is de jongste, en toevallig is Mieke de oudste bewoonster van het rusthuis. Ze is vorig weekend 102 geworden. Haar familie had een feestje voor haar georganiseerd en de burgemeester en schepenen zijn haar komen feliciteren. De emotie laait nog hoog op als ze erover vertelt. Trots troont ze me mee naar haar kamer om al haar mooie bloemen en de vele verjaardagskaarten te laten zien. 


Tijdens het middageten deelt Birgit weer medicatie uit. Dit doet ze terwijl de andere verpleegsters en verzorgsters de mensen helpen en bedienen. Als na het eten alle ouderen terug hun bezigheden hervatten, zet Birgit alvast de kar met medicatie klaar voor de namiddag- en avondronde. Ze verzorgt nog enkele wonden  en brengt de laatste administratie in orde. Om half drie zit haar werkdag  er op.


Mieke met één van haar boeketjes
Doorheen de dag zitten de meeste bejaarden samen in de zalen van hun afdelingen. Hier krijgen ze alle zorgen die ze nodig hebben. Ze kijken televisie, genieten van de zon, babbelen een beetje of doen een dutje. Zij die nog kunnen, wandelen een beetje rond. Er is altijd wat te doen in het rusthuis. Er worden geregeld activiteiten georganiseerd, aangepast aan de behoeften van de bewoners. Bejaarden die willen, kunnen  eenmaal in de maand zwemmen. Het rusthuis zorgt ook goed voor dementerenden en hiervoor een speciaal programma rond dementie.


Simone is een van de bejaarden die mee gaat zwemmen. Ze vertelt: “De eerste keer dat ik weer ging zwemmen, was ik veel te dapper. Ik sprong in het water en ik wou zwemmen. Maar ik ga recht den dieperik in. (lacht) Ik ben wel weer boven gekomen, maar ik ben toen toch heel erg  geschrokken en ik heb nadien niet meer gezwommen zonder een zwemband. Ik durf niet meer.”

Dementie in kaart gebracht

Home Heiberg maakt gebruik van een speciaal programma voor dementie, genaamd Dementia Care Mapping (DCM). Dit programma streeft naar een meer kwaliteitsvolle zorg voor mensen met dementie.

Aan de hand van codes worden de gevoelens en het welzijn van de dementerenden in kaart gebracht. Medewerkers observeren de mensen in hun omgeving en bekijken hoe ze reageren op situaties, prikkels en dergelijke. Omdat mensen met dementie vaak niet meer in staat zijn om hun eigen gevoelens en emoties te benoemen, is dit een zeer belangrijk proces. Als hun verzorgers weten wat deze mensen blij of net ongelukkig maakt, dan kunnen ze hier in het vervolg rekening mee houden.


Het programma wordt wereldwijd gebruikt en werpt overal zijn vruchten af. Ook in de vier jaar dat Home Heiberg deze methode gebruikt, heeft het al positieve resultaten geleverd. Medewerkster Ingrid vertelt: “Er was een vrouw die vaak erg ongelukkig was, dat zagen we aan haar manier van doen. Tot op een dag één van de observatoren achter haar ging staan en zag dat deze vrouw elke keer op een stoel gezet werd, waar een pilaar haar het  uitzicht op de zaal benam. Sindsdien wordt er goed op gelet dat ze een goed zicht heeft op de zaal.”


DCM werd uitgevonden door de Engelse professor Tom Kitwood. Na zijn dood werd het verder ontwikkeld door de universiteit van Bradford. 

Snoezelbad en frutseldeken: animatie in het bejaardentehuis


In het rusthuis wordt er ook gezorgd voor animatie voor de bewoners. Inge en Ans staan hiervoor in. Elke maand komen zij samen om de activiteiten voor de volgende maand te plannen.


Animatrice Inge vertelt: “Bij het bedenken van de activiteiten, proberen we rekening te houden met de behoeftes van elke bewoner. Voor mensen waar het nog goed mee gaat, organiseren we kien-namiddagen en praatcafé’s. Met de dementerenden maken we al eens een wandeling of we geven hen een handmassage.  Zo zijn er activiteiten voor elke groep.”


Ook verjaardagen worden georganiseerd door het animatieteam. Maandelijks wordt er een feest gehouden voor de jarigen van die maand. Als ze dat willen, kunnen de bejaarden op hun verjaardag zelf ook gezellig samenzitten met de familie. 


Ans is verantwoordelijk voor ergonomie. Eén van haar taken bestaat er uit om de bewoners van het rusthuis een snoezelbad te geven. Ze vertelt: “Als de bewoners ’s ochtends in bad gestopt worden, moet alles erg vlug gaan. Ik neem de tijd om de mensen om de beurt rustig een bad te geven. Ik maak gebruik van geuren, geef de mensen een handmassage, ze krijgen de tijd om te genieten van hun bad en ze kunnen gezellig babbelen. Zo’n snoezelbad neemt vaak een hele namiddag in beslag.”


Het animatieteam bekommert zich ook over andere aspecten van het welzijn van mensen. Inge geeft een voorbeeld: “Er was eens een dame die altijd haar rok omhoog trok. De familie vond dit heel erg lastig, dat hun moeder daar zat met blote benen. Toen hebben we een dekentje voor haar gemaakt, waar we een ritsluiting, enkele lintjes, een zakje met knoppen en dergelijke op vastgenaaid hadden, een echt frutseldekentje. Voortaan als ze aan haar rok begon te friemelen, legden we dat dekentje over haar. Dan had zij toch iets om zich mee bezig te houden. Dit dekentje was zo’n succes dat we er daarna nog een hele hoop gemaakt hebben, aangepast aan de verschillende mensen.”   

Beeldreportage

vrijdag 27 mei 2011

Nieuws

Het Warandep'Ant,
onderdeel van het Cultureel Centrum de Warande.
Turnhout wordt Vlaamse Cultuurstad 2012

De stad Turnhout mag zich in 2012 een jaar lang dé Cultuurstad van Vlaanderen noemen. Turnhout treedt hiermee in de voetsporen van Oostende, dat in 2010 de titel droeg. De titel zal gevierd worden met allerlei activiteiten voor een breed publiek.

De hoofdstad van de Kempen viert bovendien in 2012 zijn achthonderdste verjaardag. Het is dan precies 800 jaar geleden dat de stad stadsrechten ontving. Stany Crets, die er geboren is, wordt peter en uithangbord van Turnhout 2012.

De stad zal een jaar lang gonzen van de culturele activiteiten. ‘Cultuur is er voor iedereen. Voor jong en oud, voor kenners en leken. Daarom letten we erop dat er heel breed wordt geprogrammeerd’, zegt coördinator Jef Van Eyck.

Er staan alvast enkele evenementen op het programma. Zo zal er in het cultureel centrum De Warande een literair evenement plaatsvinden met de naam De langste nacht van het kortverhaal. De Warande viert in 2012 ook haar veertigste verjaardag.  Ook komt er een tijdrit tussen Turnhout en Arendonk onder de naam Ronde van België.

Ook de slag van Turnhout, een groots openlucht spektakel waarin de overwinning van Turnhout op de Oostenrijkers nagespeeld wordt, zal in 2012 opnieuw plaatsvinden. Bovendien komen er wandelingen waarin elke tocht een andere eeuw in de verf zet.

Het feestjaar zal eindigen in 2012, maar de stad hoopt dat de effecten nog lang daarna merkbaar zullen zijn.

Nieuws

Het nieuwe Colruyt-filiaal.
Colruyt opent 222ste winkel in Vosselaar

Op woensdag 27 april opent Colruyt zijn 222ste filiaal aan de Antwerpsesteenweg in Vosselaar. Deze gloednieuwe Colruyt-winkel heeft een verkoopoppervlakte van bijna 1.000 m² en telt 22 medewerkers.

Om lawaaihinder voor de omwonenden tegen te gaan, is de winkel ook voorzien van een overdekte, afgesloten loskaai, waar de vrachtwagens gelost zullen worden.

De nieuwe winkel staat op de plaats van de vroegere meubelzaak Craane Meubelen, die in oktober 2008 volledig in vlammen opging. Door deze brand moest Colruyt een nieuwe bouwaanvraag indienen en kwam de winkel een jaar later dan voorzien.

Op  dinsdag 26 april, van 17 tot 20 uur, kunnen de klanten hun nieuwe supermarkt al in primeur bekijken. Colruyt organiseert dan een opendeuravond met een hapje en een drankje waarop iedereen welkom is.

vrijdag 29 april 2011

Nieuws

 Home Heiberg opent nieuwe vleugel



De nieuwe vleugel en de serviceflats in aanbouw
Op 1 maart 2011 opende de nieuwe vleugel van het rusthuis ‘Home Heiberg’ in Beerse zijn deuren. In de weken die daarop volgden, verhuisden 50 bewoners vanuit het oude, bestaande deel van het rusthuis, naar de 64 nieuwe kamers.


Door het vrijkomen van hun oude kamers kon het rusthuis op twee weken tijd een vijftiental nieuwe bejaarden opnemen. De bedoeling is dat het rusthuis tegen eind maart, begin april, opnieuw volledig bezet zal zijn.

Het rusthuis streeft ernaar om van alle kamers eenpersoonskamers te maken, met uitzondering van enkele koppelkamers, voor hen die een gezamenlijke kamer wensen.

Louis Van Olmen, bewoner van de nieuwbouw, is alvast blij met zijn nieuwe kamer. “Ik vind mijn nieuwe kamer heel gezellig. Het voelt een beetje als thuis, ik kan doen wat ik wil hier. Ook het personeel is heel vriendelijk.”

‘Home Heiberg’ is erg innoverend op het vlak van dementie. Zo werkt het aan een speciaal programma voor dementerende mensen, waarbij ze het welzijn van mensen met dementie meten via een observatie-instrument.

Verder is er op de benedenverdieping van de nieuwbouw een afgesloten afdeling voor mensen met een vergevorderde dementie voorzien. Er komt ook een dwaaltuin waarin deze mensen rond kunnen wandelen zonder de weg kwijt te raken.

Op de eerste verdieping bevindt zich een afdeling voor mensen met een bepaalde zorgbehoevendheid. Hier is al iets minder toezicht dan op de benedenverdieping.
Op de bovenste verdieping bevinden zich de mensen die het meest zelfredzaam zijn.

“Het rusthuis streeft naar een duidelijke onderverdeling in afdelingen, de bedoeling is om ook het bestaande gebouw, waar de verdeling nu veel verspreider is, op termijn aan te passen”, zegt adjunct-directeur Wendy Leysen.

Home Heiberg wil meer mensen binnen lokken. Ze hebben van hun cafetaria een ‘lounge’ gemaakt, in de hoop er een ontmoetingsplaats van te maken voor mensen van binnen  en buiten het rusthuis.

Momenteel wordt er nog hard gewerkt aan de bouw van 60 serviceflats. Als alles goed verloopt, zouden de flats af zijn tegen september van dit jaar.


(maandag 21 maart 2011)

Nieuws

Internaatbeheerder geschorst wegens zedenfeiten


Het Sint-Franciscuscollege in Heusden
HEUSDEN-ZOLDER – Maandagavond werd de dertigjarige internaatbeheerder Tom L. met onmiddellijke ingang geschorst na een klacht over zedenfeiten. Het Hasseltse parket startte een onderzoek wegens 'seksueel grensoverschrijdend gedrag'. 


De klacht kwam maandag binnen. Het Sint-Franciscuscollege spreekt over ‘ernstige professionele fouten’. Van fysiek contact zou er geen sprake zijn, maar de man zou seksueel getinte chatsessies gehad hebben met leerlingen.

Hoewel het zou gaan om feiten buiten de school, vond de directie de situatie ernstig genoeg om de politie te verwittigen. Volgens de directie gaat de houding van de internaatbeheerder in tegen de waarden van de school.

Het college bracht de leerlingen en hun ouders op de hoogte met een brief. Er wordt een schoolpsycholoog ter beschikking van leerlingen gesteld. Ouders en personeelsleden die wensen te praten over dit voorval kunnen terecht bij de algemeen directeur. Het parket van Hasselt heeft de man aangehouden en zijn laptop in beslag genomen.

(woensdag 16 maart 2011)

vrijdag 18 maart 2011

Pro/contra

Bejaarden moeten zo lang mogelijk thuis wonen

Via bejaardenzorg kunnen personen die niet meer op eigen kracht dagelijkse activiteiten kunnen verrichten toch thuis blijven wonen. Maar is dit de beste oplossing voor deze mensen?
JA

“Mensen die met hun mond open eten, daar gaat mijn honger van over.”

Lea Van De Cruys (80) is tien jaar weduwe. Sinds de dood van haar man woont ze alleen in een huis in Vosselaar. Ze is vastbesloten zo lang mogelijk thuis te blijven. “Ik ga pas naar een rusthuis als ik het zelf niet meer besef.”


“Ik wil zo lang mogelijk thuis blijven. Thuis heb ik alle comfort.  Ik ben ‘thuis’. Ik doe wat ik wil in mijn eigen omgeving. Aan mijn huis zijn veel herinneringen verbonden: mijn kinderen zijn hier opgegroeid, mijn man is hier gestorven. Mijn man wilde zolang mogelijk thuisblijven. Hij had geluk dat ik er was, ik kon voor hem zorgen. In een rusthuis heb je die herinneringen niet. Als je pech hebt, moet je een kamer delen. Eenpersoonskamers zijn duur. En zo’n kamer  is nooit even gezellig als je eigen huis.
Bovendien heb ik nu veel meer vrijheid dan de mensen in een rusthuis. Ik kan zelf bepalen wat ik eet. Als ik geen honger heb, eet ik later of gewoon niet. Ik kies zelf wanneer ik ga slapen of wanneer ik tv kijk en ik kan bezoek ontvangen wanneer ik maar wil.
Ik woon in een buurt waar ik omringd ben door mijn familie en vrienden. Die springen op elk moment van de dag binnen. Ze helpen me met alles. Toen ik last had van mijn knie en veel moest rusten, kwamen ze zelfs de rolluiken naar beneden laten. Tegenwoordig kan je heel lang thuis blijven. Er is allerlei hulp beschikbaar: er komt iemand helpen met poetsen, als ik dat wil komen ze voor me koken en de verpleegster komt aan huis. Er is hulp genoeg.
Ook Ziekenzorg bezoekt me af en toe. Zij organiseren regelmatig activiteiten. Er is altijd wel iets te doen. Ik verveel me nooit. Als ik alleen wil zijn, dan kan dat ook. Terwijl je in een rusthuis nooit alleen bent.
Maar de voornaamste reden waarom ik niet naar een rusthuis wil, is omdat je, zodra je daarheen gaat, aangeeft dat je niet meer voor jezelf kunt zorgen. Je bent volledig afhankelijk van anderen.  Ik wil net zelfstandig zijn. Ze krijgen mij ook niet in een rolstoel zolang ik zelf kan stappen, zelfs als ik dan om de paar meter even moet uitrusten. Ik ben tevreden thuis. Ik hoop nog jarenlang in mijn huis te kunnen blijven.”
NEE

“Sommige oudjes schamen zich voor hun ouderdomskwalen. Die bejaarden krijg je amper hun huis uit.”

Mieke Heykants (77) woont samen met haar man in Weelde. Ze doet vrijwilligerswerk bij Ziekenzorg, een vereniging van en voor langdurig zieken en gezonden, en kent veel hulpbehoevende mensen. “Sommige mensen kunnen echt niet meer voor zichzelf zorgen.”



“Sommige ouderen kunnen niet thuis blijven. Ze vergeten dingen of ze sukkelen met hun gezondheid. Zo woont er in de buurt een vrouw wiens man op heel korte tijd dement is geworden. Hij wist niet meer wie zij was. Met die situatie viel niet te leven, dus is hij naar een rusthuis gegaan. Sommige bejaarden hebben dag en nacht verzorging nodig. In een rusthuis hoeven ze maar op een bel te drukken en er staat hulp klaar.
Voor mensen met wie het nog iets beter gaat, vind ik serviceflats een goede oplossing. In zo’n flatje hoef je ook maar op een knop te drukken als je in nood bent, maar verder doe je waar je zin in hebt. Je kunt gaan en staan waar je wilt. Je kan mee-eten in het rusthuis, maar je kan net zo goed zelf koken en je boodschappen doen. Die formule vind ik wel interessant.
Rusthuizen hebben ook andere voordelen, naast het bieden van permanente hulp. Veel bejaarden vervelen zich. Ziekenzorg is een heel goed initiatief. Medewerkers van de organisatie bezoeken ouderen en brengen hen al eens een presentje, met hun verjaardag of met Kerst. Ze organiseren ook kerstfeestjes en koffietafels voor bejaarden. Het enige probleem is dat niet iedereen wil deelnemen aan die activiteiten. Sommige ouderen sukkelen zo met hun gezondheid dat ze zich schamen. Veel ouderen dragen wel eens een luier. Ze zijn bang dat ze, als ze buiten komen, een ongelukje zullen hebben en zullen ruiken. Zo’n oudjes krijg je amper uit hun huis. In rusthuizen zijn zo’n mensen nooit alleen. De andere bewoners kampen met dezelfde problemen.
Hier in het dorp fietst de fietsclub, bestaande uit oudere dorpelingen, geregeld naar het rusthuis. Dan gaan ze daar een kopje koffie drinken. Na zo’n bezoekje zijn de bewoners van het rusthuis altijd tevreden. Dat is toch veel beter dan bejaarden die helemaal alleen in hun huis zitten te verkommeren?”